Context: Dit artikel is oorspronkelijk geschreven naar aanleiding van Right-to-Repair-hoorzittingen waarin tegenstanders stelden dat boeren via reparatietoegang hun tractoren zouden opvoeren of emissieregels zouden omzeilen. Sindsdien is dat argument verder ingehaald door beleid en handhaving. Colorado nam in 2023 een landbouw-Right-to-Repair-wet aan, de EPA verduidelijkte in 2026 dat fabrikanten de Clean Air Act niet mogen gebruiken om toegang tot reparatietools of software te blokkeren, en de FTC sloot in juli 2026 een schikking met Deere & Company over toegang tot reparatiebronnen voor boeren en onafhankelijke reparateurs. De tekst blijft relevant als historische en maatschappelijke context bij landbouwapparatuur, tuning, emissiehandhaving, fabrikantcontrole, softwarelocks en Right to Repair.
Volg onze strijd voor Right to Repair
In een recente hoorzitting over het recht op reparatie in de staat Maine, welke werd bijgewoond en vastgelegd door Louis Rossmann van de Rossmann Repair Group, zei iemand van de oppositie tegen de senatoren dat de boeren in die staat hun eigen landbouwapparatuur niet zouden mogen repareren, of laten repareren door onafhankelijke reparatiebedrijven voor landbouwmachines. Hun redenering aan de commissie was dat als boeren hun eigen apparatuur konden repareren, zoals ze in het verleden konden, ze hun tractoren zouden aanpassen om er meer kracht en snelheid uit te halen. En daarmee in strijd met de emissierichtlijnen van de overheid. Louis reageerde dat boeren hun tractoren niet zouden tunen, zodat de maisman met de avocadoman kon racen om een weddenschap te winnen. Naar mijn eigen ervaring en de reacties op de video van Louis over de hoorzitting, had Louis daarin helaas ongelijk. Boeren tunen hun apparatuur wèl. Dit geeft de oppositie van recht op reparatie echter geen geldige reden. Laat het me uitleggen.
Allereerst mijn ervaring met landbouwmachines. Toen ik op school zat, zat er in mijn klas een jongen die elke dag veel heen en weer reisde naar school. Hij woonde in Lisse of Hillegom. Dit zijn allebei naburige dorpen midden in de Nederlandse bloemenstreek. De jongen was ongeveer 14 jaar oud en praatte regelmatig trots met zijn klasgenoten dat hij rondreed op landbouwmachines op de bloemenkwekerij van zijn ouders. Hij kreeg net zijn tractor rijbewijs. In ons land (op dat moment) mocht je pas op 18-jarige leeftijd autorijles volgen. Dit was echter niet het geval met landbouwmachines, aangezien deze niet op alle wegen mogen rijden en een maximumsnelheid hebben. Heel vaak, ook tegenwoordig, als je op het platteland rijdt, zitten auto's vast achter een tractor die langzaam naar het volgende veld rijdt.
Echter sinds vrij recent, door privatisering van gemeentelijke wegenbouw en groenvoorziening, word er in de steden steeds vaker gebruik gemaakt van tractoren in plaats van dumptrucks en bestelwagens met enkele cabine of 4×4's die een aanhanger trekken. Deze tractoren zijn meer dan eens getuned, hoewel ze er hetzelfde uitzien als die van gewone boeren. Ze rijden net zo snel, zo niet sneller dan het reguliere autoverkeer. Een tijdje terug zat ik in een auto met zo'n tractor in de baan naast ons. Hij stond op de baan om de A9 op te gaan. De tractor trok een grote meerassige tank en stond als eerste in de rij. De lichten gingen op groen en de tractor sprong op en reed weg en liet alle auto's achter. Hoewel hij zo groot was, meer dan twee keer zo hoog en 6 keer zo lang als een flinke auto, steeg hij op als een raket. Hij accelereerde van iets als 0 naar 80 km/uur in 5 seconden, letterlijk de zwarte sporen achterlatend. Ze doen dit niet om tegen elkaar te racen, maar om meer ingehuurde klussen in dezelfde tijd te klaren.
De recht op reparatie oppositie hebben echter nog steeds geen valide punt. Boeren moeten hun apparatuur kunnen tunen. Of het nu is om meer gedaan te krijgen op een dag, of om deel te nemen aan een tractor pull evenement. Dat is net zo geldig als mensen die een auto chiptunen voor betere prestaties of ombouwen om deel te nemen aan een sport of hobby. Overheidsregels mogen echter niet worden overtreden. Als je je auto aanpast om deel te nemen aan formule 3 of dragracen, mag je met die auto niet op de openbare weg rijden om hem bijvoorbeeld als dagelijkse auto gebruiken. Dit zou en moet worden gehandhaafd door de overheid, niet door de fabrikanten!
Wat de boeren willen, is goed werkende, geoptimaliseerde apparatuur welke snel gerepareerd kunnen worden zonder duur transport terug naar de fabrikant, of dagen of weken te wachten.
De jaren na dit artikel hebben het onderscheid duidelijker gemaakt. Het argument dat boeren reparatietoegang zouden gebruiken om emissieregels te omzeilen, bleef terugkomen in discussies over landbouwmachines. Tegelijk werd steeds duidelijker dat dit geen reden is om normale diagnose, onderhoud en reparatie door eigenaren of onafhankelijke reparateurs te blokkeren. Tuning, illegaal gebruik op de openbare weg en het uitschakelen van emissiesystemen zijn handhavingsvragen. Reparatie zelf is een eigendoms- en toegankelijkheidsvraag.
Dat onderscheid is belangrijk. Een boer, loonwerker of reparateur kan legitiem toegang nodig hebben tot diagnosefuncties, foutcodes, softwareprocedures, onderdelenkoppeling of tijdelijke herstelmodi om een machine weer correct werkend te krijgen. Dat is iets anders dan het permanent verwijderen, uitschakelen of manipuleren van emissiecontrole. Door die twee bewust door elkaar te halen, kan een fabrikant veiligheid of milieu gebruiken als algemeen argument tegen onafhankelijke reparatie.
In 2023 nam Colorado een wet aan voor het recht op reparatie van landbouwapparatuur. De wet trad op 1 januari 2024 in werking en verplicht fabrikanten om eigenaren en onafhankelijke reparateurs redelijke toegang te geven tot onderdelen, tools, software, documentatie en diagnosemiddelen. De wet maakt ook duidelijk dat vrijwillige landelijke afspraken van fabrikanten geen vervanging zijn voor wettelijke verplichtingen.
Dat was een belangrijke stap, omdat landbouwapparatuur vaak op precies het moment kapot gaat waarop wachten het duurst is: tijdens zaaien, oogsten of ingehuurd werk. Reparatiebeperkingen zijn dan niet alleen ongemakkelijk, maar kunnen direct leiden tot verlies van tijd, opbrengst en inkomen. Juist bij landbouwmachines is het verschil tussen “later laten repareren” en “nu kunnen repareren” economisch en praktisch groot.
In 2026 verduidelijkte de Amerikaanse EPA dat fabrikanten de Clean Air Act niet mogen gebruiken als algemene reden om toegang tot reparatietools of software te beperken. De EPA maakte ook duidelijk dat tijdelijke overrides van emissiesystemen mogelijk kunnen zijn wanneer zij nodig zijn voor legitieme reparatie en de machine daarna wordt teruggebracht naar de gecertificeerde configuratie.
Dat raakt de kern van dit artikel. Milieuregels blijven belangrijk, en illegale manipulatie van emissiesystemen moet worden gehandhaafd. Maar die handhaving hoort bij overheid en toezichthouders, niet bij een fabrikant die reparatietoegang gebruikt om klanten naar het eigen dealernetwerk te sturen. Een emissieregel is geen vrijbrief voor fabrikant-lock-in.
In januari 2025 klaagde de Federal Trade Commission Deere & Company aan. Volgens de FTC werden boeren en onafhankelijke reparateurs jarenlang beperkt in hun mogelijkheid om landbouwapparatuur zelf of lokaal te repareren. Het probleem zat vooral in softwaretoegang: de volledig functionele dealerhulpmiddelen boden functies die de beperktere klantversie niet bood.
In juli 2026 volgde een schikking. Deere moet gedurende tien jaar, onder toezicht van de FTC en de betrokken staten, boeren en onafhankelijke reparateurs toegang geven tot reparatiebronnen die vergelijkbaar zijn met wat geautoriseerde dealers krijgen. Daarbij gaat het onder meer om softwaremogelijkheden die nodig zijn voor moderne elektronische reparaties.
Daarmee werd het oorspronkelijke argument uit de hoorzittingen verder verzwakt. De vraag is niet of boeren ooit machines tunen; dat gebeurt, net zoals mensen auto’s, motoren of andere voertuigen aanpassen. De vraag is wie verantwoordelijk is voor handhaving van regels, en of die handhaving mag worden misbruikt om normale reparatie, diagnose en onderhoud onder controle van de fabrikant te houden. Het antwoord hoort duidelijk te zijn: illegaal gebruik moet worden aangepakt als illegaal gebruik, maar reparatie mag niet worden geblokkeerd alsof elke eigenaar bij voorbaat verdacht is.